Straalrot bij het Paard
Er is waarschijnlijk nauwelijks een ander hoefprobleem dat in de paardenwereld zo vaak voorkomt en zo vaak wordt onderschat als rotstraal. Voor veel paardenmensen is rotstraal al zo normaal dat ze het afdoen als een door de natuur gegeven kwaad waar je nu eenmaal mee moet leven. Waar zit dan eigenlijk het probleem?
Daarom is rotstraal problematisch
Rotstraal is allesbehalve normaal: de hoef is aangetast door hoornafbrekende bacteriën, die een vicieuze cirkel op gang brengen. De bacteriën vreten namelijk het straalhoorn aan, waardoor de straal in de loop van de tijd steeds kleiner wordt. De straal heeft echter de belangrijke taak om in het achterste deel van de hoef als kussen te fungeren. Enerzijds heeft hij een dempende functie en anderzijds zorgt hij er bij het neerkomen voor dat het balgedeelte van de hoef uit elkaar wordt gedrukt. Dat is bijzonder belangrijk voor het hoefmechanisme
Wanneer de hoefstraal deze taak niet meer kan vervullen, wordt de hoef aan de achterzijde steeds smaller – er ontstaat een dwanghoef. Daardoor wordt de (toch al gedegenereerde) straal nog verder ingeklemd, de doorbloeding in de hoef verminderd en de groei van de straal beperkt. Bovendien worden de straalgroeven erg smal, waardoor er meer vuil in blijft zitten en het bacteriële milieu wordt bevorderd. De situatie wordt dus steeds erger.
Bij een gevorderde rotstraal kunnen de bacteriën uiteindelijk doorvreten tot aan de gevoelige lederhuid – uiterlijk dan veroorzaakt elke aanraking in dit gebied pijn. Als paardeneigenaar merk je dat wanneer je paard bij het uitkrabben van de straalgroef pijnlijk terugtrekt.
Veel paarden veranderen dan ook hun gangbeeld, omdat ze het pijnlijke gebied bij het neerkomen niet willen belasten. In plaats van een gezonde verzenlanding tonen veel paarden dan een teenlanding of kreupelheden, vooral op zachte ondergronden (omdat de hoef daar wegzakt en er meer druk op de pijnlijke straal komt).
Wanneer de bacteriën uiteindelijk zijn doorgedrongen tot de lederhuid, kan de situatie nog dramatischer verergeren: in sommige gevallen begint de geïrriteerde lederhuid woekerachtig noodhoorn te produceren – hoefkanker is een feit.
Zo ver hoeft het echter niet te komen. Om rotstraal effectief te kunnen bestrijden (of te voorkomen dat het überhaupt ontstaat), is het belangrijk om de oorzaken nader te bekijken.
Oorzaken van rotstraal
Verantwoordelijk voor rotstraal is voornamelijk de bacterie “Fusobacterium necrophorum”. Dat is een anaerobe bacterie (dat wil zeggen, hij leeft onder zuurstofarme omstandigheden), die tot de normale flora van veel zoogdieren behoort (hij wordt onder andere gevonden in onze menselijke mondholte en het spijsverteringskanaal van diverse huisdieren). Wanneer deze bacteriën bijvoorbeeld via paardenmest op de hoef terechtkomen en zich daar onder luchtafsluiting vastzetten, voelen ze zich uitstekend thuis en vreten ze het zachtste hoorn dat ze kunnen vinden aan: het straalhoorn.
Waarom hebben dan niet alle paarden rotstraal? Vroeg of laat stapt immers elk paard wel eens in een mestkoop, zelfs in de schoonste stal.
Het antwoord is eenvoudig: een gezonde hoef is bestand en zelfreinigend. Wanneer het paard beweegt en de straal gezond is, vliegt het vuil vanzelf snel uit de hoef. Bovendien is een gezonde straal relatief hard en wordt daardoor niet zo gemakkelijk aangevreten.
Anders ziet het er echter uit wanneer de hoef al een dwangsituatie vertoont, ernstig verwaarloosd is of de straal niet meer helemaal gezond is. Onder dergelijke omstandigheden is de hoef vatbaarder voor infecties van allerlei aard en blijft mest hardnekkiger in de straalgroeven zitten. Dat is ook het geval wanneer het paard permanent op met uitwerpselen doordrenkte grond staat of onvoldoende op hardere ondergrond kan bewegen.
Zo kun je rotstraal effectief bestrijden
Veel paardeneigenaren raken wanhopig van de taak om rotstraal duurzaam onder controle te krijgen. De reden is eenvoudig: meestal wordt er alleen een middel op de hoefstraal aangebracht dat zogenaamd de rotstraal zou moeten elimineren. Maar wanneer de eigenlijke oorzaak niet wordt weggenomen, is dat vechten tegen windmolens.
Om rotstraal daarom op de lange termijn kwijt te raken, moeten zowel de oorzaken worden aangepakt als de acute infectie worden behandeld. Het probleem moet als het ware van twee kanten worden bekeken en opgelost.
Huisvesting verbeteren
Allereerst moet er dus worden gezorgd voor voldoende hygiëne en beweging. Daarvoor moet je paard dagelijks meerdere uren droog en schoon staan en zich vrij kunnen bewegen.
Afhankelijk van hoe ernstig de situatie al is, moeten eventueel ook de bodemomstandigheden worden aangepast. Als de straal al sterk gedegenereerd is en er een massale bal- of verzendwang aanwezig is, moet er worden gezorgd voor een verende laag op hardere ondergrond. Zandbodem is daar ideaal voor. Op zo'n bodem kan de hoef wegzakken en kan de (gedegenereerde) straal weer bodemcontact krijgen. Op deze manier wordt de straal gestimuleerd en aangezet tot groei, en kan hij weer zijn bijdrage aan het hoefmechanisme leveren – en een bestaande verzen- of baldwang tegengaan.
Hoeven regelmatig correct bekappen
De juiste hoefbewerking met de juiste tussenpozen is een belangrijk onderdeel om rotstraal onder controle te krijgen. Aangetaste hoorndelen moeten zorgvuldig worden verwijderd. De draagranden moeten tot een functionele maat worden ingekort en eventuele hefbomen – ook aan de hoefwand – moeten worden verwijderd. Eventueel moet ook de stand van de hoef worden gecorrigeerd wanneer het achterste straal-verzengedeelte overbelast is.
Hoeven correct schoonmaken en rotstraal behandelen
Als laatste onderdeel moet de infectie zelf worden bestreden. In oppervlakkige gevallen volstaat dagelijks uitkrabben en eventueel grondig afschrobben met een milde zeep (bijvoorbeeld huishoudzeep of groene zeep).
Bij diepliggende rotstraal moeten de aangetaste gebieden daarentegen dagelijks met een geschikt middel worden behandeld. Daarbij is het minder belangrijk welk middel wordt gebruikt, maar veel meer hoe het wordt toegepast. Eerst moet de geïnfecteerde straalgroef grondig van het aangevreten materiaal worden ontdaan. Daarvoor is het beproefd om een afgerond houten stokje in een dun, zacht doekje te wikkelen en door de straalgroef te trekken totdat de zwarte, smeuïge laag is verwijderd. Als je paard daarbij gevoelig reageert, moet je uiterst voorzichtig te werk gaan: mogelijk heb je dan al te maken met een blootliggende lederhuid en deze mag zeker niet worden geïrriteerd door het schoonmaken.
Daarna kun je uiteindelijk het middel van jouw keuze aanbrengen. Ook hier geldt weer: als de rotstraal al zeer diep zit en het vermoeden bestaat dat de lederhuid al is aangetast, is voorzichtigheid geboden. In deze gevallen mag nog alleen met zeer milde middelen worden behandeld, om de lederhuid niet nog verder te irriteren. Daarvoor zijn bijvoorbeeld etherische oliën of preparaten op azijnbasis geschikt. Ook colloïdaal zilver heeft zich in sommige gevallen goed bewezen.
Belangrijk is daarbij dat het aangebrachte middel ook daadwerkelijk terechtkomt waar het nodig is: in de diepte van de straalgroef. Vaak is het zinvol om een stuk gaasverband met de gekozen stof te doordrenken en dit diep in de straalgroef aan te brengen. Deze tampon moet dan in de hoef blijven zitten en uiterlijk om de twee tot drie dagen worden vervangen (of zodra het oude materiaal er vanzelf uit is g






