Basisplaten aanpassen – het belangrijkste in het kort
In dit hoofdstuk leer je welke variant van de basisplaat bij welke toepassing past, hoe je de juiste maat bepaalt en de plaat netjes aan de hoefvorm aanpast. Aan het einde ken je ook de typische fouten die je in de praktijk wilt vermijden.
De drie varianten
- Standaardplaat (open) – voor het klassieke beslag
- Roosterplaat met sneeuwgrip – rooster optioneel verwijderbaar, sneeuwgrip aanpasbaar
- Rehaplaat – stabieler, afgerond (lichter wenden), met verlaagd zoolvlak, inspuitbare kussens en middensteg ter ondersteuning van het hoefbeen
Maat bepalen
Hoefbreedte (breedste punt) en hoeflengte (teen tot einde verzenen) meten → waarden invoeren in de maatzoeker → vóór het aanpassen kort tegen de hoef houden en de ruimte rondom controleren.
Aanpassing in 6 stappen
- Teenpunt op de hoef en op de basisplaat markeren
- Basisplaat met de montagehulpen op de hoef bevestigen, op de straal centreren
- Hoefcontour op de plaat overtekenen
- Voorste montagehulpen verwijderen
- Loodrecht op de plaat (90°) afslijpen – veiligheidsbril dragen
- Tussendoor aan de hoef controleren
Veelvoorkomende fouten
- Te groot → beslag zit los na het aanlassen
- Te klein → lipjes worden naar buiten gedrukt
- Verzenen te lang → paard trapt de beslagen eraf
- Verzenen te kort → te weinig ondersteuning
Doel: 100% passend, achteraan gelijk met de verzenen.