Hoeven Correct Verzorgen

6 Min. Lesezeit

"Geen hoef, geen paard" – deze uitspraak kent vrijwel iedere paardenmens. En hij maakt duidelijk hoe belangrijk de hoefgezondheid voor onze lievelingen is. Maar hoe verzorg je dit zo belangrijke fundament eigenlijk op de juiste manier? Verzorgingsproducten voor de hoef zijn er immers in overvloed, maar wat heeft de hoef daar echt van nodig?

Regelmatig bekappen

Hoe banaal het ook klinkt: een van de belangrijkste verzorgingsmaatregelen is het regelmatig bekappen door een professional. Het optimale interval kan van paard tot paard verschillen en ook per seizoen variëren. Gemiddeld zou het bekappen elke 6 weken moeten gebeuren, bij sommige paarden kan ook elke 4 of 8 weken zinvol zijn. Bij acute problemen (bijv. hoefbevangenheid) kan zelfs om de twee weken bekappen nodig zijn.

In de zomer groeien de hoeven bovendien sneller dan in de winter, waardoor het interval tussen de bekapafspraken mogelijk verkort moet worden.

Optimaal is het als je als paardeneigenaar ook zelf de basis van het bekappen leert, zodat je tussen de reguliere professionele afspraken door zelf eenvoudige handelingen kunt uitvoeren. Daartoe behoort bijvoorbeeld het afronden van uitgebroken randen in de hoefwand of het verwijderen van losse straaldelen om rotstraal te voorkomen. Bovendien kunnen zo bepaalde tendensen beter tegengegaan worden, bijvoorbeeld bij een bokhoef of een lange teen. Als deze problemen slechts om de paar weken zouden worden gecorrigeerd, worden de andere structuren in het paardenbeen intussen mogelijk onnodig overbelast. Een te lange teen veroorzaakt bijvoorbeeld overmatige druk op het straalbeencomplex en trekkracht op de diepe buigpees, wat op de lange termijn tot overbelasting van deze structuren kan leiden.

Uiteraard moet je eerst op een hoefcursus de nodige kennis opdoen en je vervolgens de belangrijkste handgrepen voor jouw paard door je hoefverzorger laten tonen.


Dagelijkse controle

Het controleren van de hoeven zou een vast onderdeel van de dagelijkse routine met je paard moeten zijn. Daarbij moeten de hoeven enerzijds worden ontdaan van vuil en vreemde voorwerpen, en anderzijds kun je perfect de gezondheidstoestand controleren: zijn de hoeven warm of voel je een verhoogde pulsatie? Is de vorm veranderd, is er iets uitgebroken of is er een stukje hoorn losgekomen? Heeft zich ergens rotstraal of een schimmelinfectie gevormd? Zijn er hoornspleten die je moet behandelen?

Als je paard een beslag of een geplakte oplossing draagt, moet ook deze dagelijks worden gecontroleerd of alles nog stevig zit waar het hoort.

Hoeven correct reinigen

Het dagelijks reinigen van de hoeven is eigenlijk heel eenvoudig: met een hoefkrabber moet het ingelopen vuil zorgvuldig worden verwijderd. De metalen punt mag daarbij niet te scherp zijn om bij het uitkrabben geen gevoelige hoorndelen te beschadigen (vooral niet in de straalgroeven). De hoef moet daarbij zo schoon worden dat je alle structuren goed kunt herkennen en controleren. Een staalborstel kan hier waardevolle hulp bieden om ook de laatste verontreinigingen uit diepe groeven te verwijderen. Dat is belangrijk om eventuele vreemde voorwerpen te ontdekken. Vooral in de witte lijn zetten zich graag kleine steentjes vast, die je absoluut moet verwijderen, zodat ze zich niet dieper in de hoef trappen en het gat steeds groter maken. Om deze steentjes te verwijderen kun je ook een fijne schroevendraaier gebruiken.

Als er na het uitkrabben gaten of groeven in de witte lijn verschijnen, moet je deze met een antibacteriële pasta opvullen, bijvoorbeeld Hoof Clay (leempasta).

Straal verzorgen

Aan de straal moet je bij de dagelijkse hoefverzorging bijzondere zorg besteden, want hij is een van de gevoeligste structuren in de hoef en snel vatbaar voor problemen. Vooral bacteriën tasten de hoefstraal vaak aan en veroorzaken de wijdverspreide rotstraal. Wat dat precies is en hoe je het onder controle kunt krijgen, leggen we uit in een apart artikel.

Om zover niet te laten komen, kun je de straal preventief regelmatig wassen met milde antibacteriële middelen, bijvoorbeeld een eenvoudig azijn-watermengsel.

Hoeven gezond voeren

Bij correcte hoefverzorging hoort ook de voeding van je paard. Want alleen als je paard voldoende met de juiste voedingsstoffen wordt voorzien, kan het een gezonde hoef laten groeien. Een voldoende voorziening van zwavelhoudende aminozuren, sporen- en macro-elementen en vitaminen is daarvoor onmisbaar. Wat je paard echter precies nodig heeft (en wat niet!), kan niet zomaar algemeen beantwoord worden en hangt vooral af van het ruwvoer. Dat wil zeggen: welke voedingsstoffen zijn in welke hoeveelheid aanwezig in het hooi en staat je paard in de wei? Welke prestatie moet je paard leveren en heeft het daarom eventueel dezelfde voedingsstoffen ook nodig voor de spieren en het pees-/bandapparaat? In geval van twijfel loont een rantsoenberekening door een voedingsdeskundige, om niet onnodig geld uit te geven aan bijvoeding die je paard misschien helemaal niet nodig heeft.

Juist bij de voeding geldt soms: minder is meer. Natuurlijk kan je paard ook een tekort hebben, maar heel vaak krijgen onze paarden bepaalde stoffen zelfs in overmaat. Ook dat kan tot hoefproblemen leiden, net als een tekort.

En bij overvoorziening hoort ook het onderwerp overgewicht. Helaas zijn namelijk veel paarden vooral in de vrijetijdssector veel te dik, wat massieve problemen voor de hoefgezondheid met zich mee kan brengen. Dunne zolen en hoefbevangenheid zijn daarbij slechts twee van de vele mogelijke gevolgen, die met een aangepaste voeding vaak goed onder controle te krijgen zijn.

Veel beweging op de juiste ondergrond

Bij hoefverzorging hoort ook het stimuleren van de doorbloeding in de hoef, zodat de gevoerde voedingsstoffen ook werkelijk in voldoende mate naar de hoef worden getransporteerd. De hoeven van onze paarden zijn ontworpen voor een loopprestatie van 10 tot zelfs 50 kilometer per dag – daarmee is niet alleen de afslijting gewaarborgd, maar ook de doorbloeding. Afhankelijk van de huisvestingsvorm van je paard (box, open stal, paddock trail enz.) moet je daarom eventueel voor compensatie zorgen.

Daarbij is het niet alleen belangrijk hoeveel je paard beweegt, maar ook op welke ondergrond het loopt. Ideaal zijn bodems waarin de hele hoef kan wegzakken, maar die niet te diep zijn en geen overmatige afslijting veroorzaken. Goede materialen voor de hoefgezondheid zijn bijvoorbeeld zand of rondkiezel.

Vetten, oliën, wateren

Wat is dan echter met de talrijke verzorgingsproducten die je op de hoef kunt aanbrengen? Hier zijn de meningen verdeeld: er zijn geen wetenschappelijke studies die de werkzaamheid van oliën en vetten bewijzen, of je deze nu op de hoefwand aanbrengt of in de kroonrand masseert. Er zijn echter talrijke anekdotische verslagen dat deze middelen een verbetering van de hoefelasticiteit bewerkstelligen.

Wat inmiddels als zeker geldt: vetten en oliën werken afsluitend en laten daarom geen vocht van buitenaf de hoef binnendringen. Als je deze middelen dus wilt gebruiken om de elasticiteit te bevorderen, moet je ze na het wateren van de hoeven aanbrengen om het vocht in de hoef vast te houden.

Apropos wateren: juist in droge weersperioden mogen de hoeven niet overmatig gewaterd worden, ook al is de verleiding groot. Hoeven kunnen zich weliswaar meesterlijk aanpassen aan verschillende vochtigheidsgraden, maar niet als de omschakeling plotseling gebeurt. Doorgaande droge periodes zijn voor hoeven minder problematisch dan wanneer deze steeds weer door 3-minuten-douches worden onderbroken.