Hoeven Gezond Voeren!

6 Min. Lesezeit

Voor de hoefgezondheid van je paard is niet alleen de juiste bekapping essentieel, maar ook de juiste voeding. Waarom? Heel eenvoudig: bij het bekappen kan alleen het hoefmateriaal worden bewerkt dat aanwezig is. Maar als er geen goede hoorn groeit (of te weinig), kan er ook niets worden bewerkt. Om voldoende goed hoefhoorn te laten groeien, is vooral één ding nodig: een evenwichtige voorziening van voedingsstoffen.

Evenwichtige voeding voor het paard

Welke bouwstenen heeft de hoef nodig?

Om te weten met welke voedingsstoffen de hoef via de voeding moet worden voorzien, moet eerst de samenstelling van de hoef worden belicht.

Hoornkapsel

De hoefkapsel – dus wand, zool, straal – is opgebouwd uit hoorn. Het hoofdbestanddeel van hoorn is keratine. Keratine is een eiwit dat onder andere bestaat uit de twee zwavelhoudende aminozuren methionine en cysteïne. Cysteïne kan door het paard zelf uit methionine worden aangemaakt, maar methionine is daarentegen een essentieel aminozuur en moet daarom van buitenaf – via het voer – worden toegediend.

De zwavelverbindingen (disulfidebruggen) in deze twee aminozuren zijn overigens verantwoordelijk voor de stevigheid van de hoorn, waardoor ook een toereikende voorziening van zwavel enorm belangrijk is voor de hoefgezondheid.

Naast keratine bestaat het hoefhoorn nog uit andere elementen. Bijzondere betekenis hebben hier zink en koper. Een studie van de Tierärztliche Hochschule Hannover heeft bijvoorbeeld aangetoond dat het zinkgehalte in slechte hoeven duidelijk lager is dan in gezonde hoeven. Koper is in de hoef betrokken bij de vorming van de eerder genoemde disulfidebruggen en van collageen, wat enerzijds van belang is voor de stevigheid van de hoef en anderzijds voor de hoefkraakbeentjes.

Een andere belangrijke bouwsteen van het hoefhoorn zijn vetzuren. In een Duitse studie werden 26 verschillende vetzuren in het buitenste wandhoorn aangetoond, die zorgen voor de elasticiteit van de hoornkapsel. Ook bij de vetzuren zijn er soorten die het lichaam zelf kan aanmaken en soorten die via de voeding moeten worden toegediend. Tot de laatste behoren de omega-3- en omega-6-vetzuren.

Binnenkant

Voor de hoefgezondheid van je paard is echter niet alleen de voorziening van de hoefkapsel belangrijk, maar ook de “binnenkant” van de hoef, dus de botten, het kraakbeen, de pezen, het bindweefsel en de bloedvaten. Deze moeten dan ook met de juiste voedingsstoffen worden voorzien, om een goed functionerende hoef te laten ontstaan. Aangezien met name het hoefbeen (in de letterlijke zin van het woord) een dragende rol speelt bij de hoefgezondheid, moet bij de voeding ook de botgezondheid in acht worden genomen. Want botten zijn een grote opslagplaats voor mineralen en bestaan niet alleen uit calcium en fosfor, maar ook uit een veelvoud aan andere mineralen, onder andere magnesium, mangaan en koper. Ook deze moeten in de voeding dus voldoende gedekt worden.

Hoeveel waarvan?

Om je paard een gezonde hoef te laten groeien, moet het enkele voedingsstoffen via zijn voer opnemen, omdat het deze niet zelf kan aanmaken. In principe neemt je paard al via zijn basisvoer (hooi, gras, stro, eventueel kracht- en sappig voer) veel belangrijke elementen op. Maar dat alleen is vaak niet voldoende, omdat onze weiden vaak slechts een zeer eenzijdig spectrum aan voedingsstoffen dekken en in het hooi door het drogen verdere belangrijke bestanddelen worden afgebroken, bijvoorbeeld vitamines. Daarom moet in de meeste gevallen worden gezorgd voor een aanvullende mineralisatie.

Individuele bijvoeding

Op de markt is inmiddels een onoverzichtelijke veelheid aan voedersupplementen verkrijgbaar, waarvan veel speciaal worden aangeprezen voor de voorziening van de hoeven. Welke is hier nu het beste voor je paard? Deze vraag valt helaas niet algemeen te beantwoorden. Want: eerst moet worden vastgesteld welke behoefte je paard eigenlijk heeft. De behoefte is individueel en hangt onder andere af van leeftijd, ras, gebruik en algemene gezondheidstoestand. Wanneer de behoefte is bepaald, moet vervolgens worden gekeken hoeveel van deze behoefte al via het basisvoer wordt gedekt. Dat betekent: hoeveel wordt er al via het hooi en eventueel de weide gedekt? Hiervoor is het nodig om het hooi te laten analyseren. Want de inhoudsstoffen van hooi variëren soms enorm en zijn afhankelijk van de betreffende bodem, het plantenspectrum, het maaitijdstip, weersomstandigheden, opslag enzovoort.

Een hooi-analyse is bovendien zinvol om een eventuele overdosering te voorkomen. Want de meeste mineralen staan in wisselwerking met elkaar en kunnen elkaar bijvoorbeeld bij de opname belemmeren. Met betrekking tot hoeven kan bijvoorbeeld ijzer in te hoge dosering problematisch zijn, omdat het de opname van zink kan remmen. Dat betekent dat je paard dan te weinig zink ter beschikking heeft voor de hoorngroei, ook al voer je eigenlijk voldoende zink bij. Evenzo kan bijvoorbeeld een seleen-overschot problemen veroorzaken, omdat dan door het lichaam seleen in plaats van zwavel in het hoorn wordt ingebouwd. Zoals in het begin vermeld, zijn de zwavelverbindingen echter verantwoordelijk voor de stevigheid van het keratine. Als deze nu door seleen worden vervangen, wordt het hoefhoorn in plaats daarvan broos.

De oplossing hiervoor is een zogenaamde “individuele rantsoenberekening”, het beste door een onafhankelijke voederadviseur. Daarbij wordt precies in kaart gebracht wat je paard nodig heeft, hoeveel het al via zijn basisvoer krijgt en wat je extra moet bijvoeren.

Hoeven gezond voeren

Komen de voedingsstoffen ook daadwerkelijk in de hoef aan?

Naast de juiste hoeveelheid voedingsstoffen en de juiste verhouding van de diverse mineralen ten opzichte van elkaar, zijn er nog andere factoren die de voeding van de hoef kunnen beïnvloeden. Want alleen omdat je het juiste voert, betekent dat helaas nog niet dat ook alles in de hoef aankomt. Met name de volgende factoren kunnen een negatieve invloed hebben:

Verminderde doorbloeding in de hoef

Wanneer de doorbloeding van de hoef is verstoord, is ook de voedingsstoffenvoorziening in de hoef verminderd. Oorzaken van verminderde doorbloeding kunnen onder andere zijn:

  • te weinig beweging
  • hoefbeenrotatie
  • beperking van het hoefmechanisme door starre hoefbescherming

Verstoorde maag-darmgezondheid

Een beschadigde darmflora heeft veel negatieve gevolgen voor de gehele paardengezondheid, maar in het bijzonder ook voor de hoornvorming. Want de omzetting van methionine naar cysteïne gebeurt in de lever, onder gebruik van vitamine B6. Vitamine B6 kan door het paard in principe zelf in de darm worden aangemaakt, maar alleen wanneer de darm onberispelijk werkt. Bij darmproblemen kan daarom een vitamine B6-tekort ontstaan en daardoor de hoefgroei worden geremd.

Maar ook maagproblemen kunnen de voedingsstoffenvoorziening negatief beïnvloeden, omdat bijvoorbeeld bij maagzweren de resorptie van voedingsstoffen kan worden belemmerd.

Conclusie

Je ziet dus dat de juiste voeding voor gezonde hoeven helemaal niet zo triviaal is. Daarom is het zinvol om je hierbij door een onafhankelijke professional te laten adviseren, die een individuele rantsoenberekening voor je paard uitvoert. Zo kun je er zeker van zijn dat je paard noch onder- noch oververzorgd is, maar een evenwichtige mix van voedingsstoffen krijgt, die ook zorgt voor een goede hoefgroei.

Gezonde hoeven met Goodsmith kleefbeslag

Auteur: Nathalie Kurz

Foto's: Eva Schroeder

>> Bronnen