Kennis over hoeven
Hufkrankheiten

Keratoma - een zeldzame, onvoldoende onderzochte aandoening van de paardenhoef begrijpen

4 Min. Lesezeit

Wat is een hoornzuil en wat hebben hoornkloven daarmee te maken?


De hoornzuil is een zeldzame, tot nu toe weinig onderzochte aandoening van de paardenhoef, die in de diergeneeskunde nog veel raadsels opgeeft.

Een hoornzuil (keratoom) is een overmatige ophoping van hoorncellen (keratine) tussen de hoefwand en het hoefbeen. De zuilvorm ontstaat doordat de hoef van boven naar beneden groeit en de gewoekerde cellen daardoor ook van boven naar beneden worden geschoven. Hierdoor vervormt op die plek ook de witte lijn aan de onderkant van de hoef: waar de hoornzuil de bodem bereikt, is de witte lijn naar binnen gewelfd.

Let op: een vervormde witte lijn betekent niet automatisch dat het om een hoornzuil gaat. De witte lijn kan ook door een abces of gewoon door een steentje vervormd zijn.

Pas op een röntgenfoto kan een hoornzuil met zekerheid worden vastgesteld. Op de plaats van de hoornzuil is het hoefbeen – het onderste bot in de hoef – namelijk afgebroken en daardoor als inkeping of gat op de röntgenfoto zichtbaar.

Oorzaken

Hoornzuilen komen bij paarden niet al te vaak voor en zijn dienovereenkomstig ook niet erg goed onderzocht. Daarom bestaat er ook in de vakwereld onenigheid over hoe hoornzuilen precies ontstaan. Concreet zijn er verschillende opvattingen over wat er als eerste was: de hoornzuil of het afgebroken hoefbeen. Sommigen menen dat de hoornzuil eerst ontstaat en vervolgens op het hoefbeen drukt, waardoor het bot wordt afgebroken. Anderen menen daarentegen dat de inkeping in het hoefbeen pas leidt tot het ontstaan van de hoornzuil (omdat de hoef het "gat" met extra hoorncellen opvult) en dat het hoefbeen dus al eerder beschadigd moet zijn geweest.


In elk geval kunnen de volgende oorzaken leiden tot prikkeling van de wandlederhuid respectievelijk tot afbraak van het hoefbeen en dus tot hoornzuilen:

  • Verwondingen aan de kroonrand
  • Aanhoudende of vaak terugkerende druk op de hoornkapsel, bijv. door schoppen tegen de boxdeur of verkeerd beslaan (vernagelen of te hard aantikken van de opsluitingen)
  • Abcessen
  • Ook standafwijkingen en de daaruit voortkomende disbalans worden besproken

Hoornkloven

Vaak gaan hoornzuilen samen met hoornkloven. Hoornkloven kunnen zowel de oorzaak zijn van een hoornzuil, als dezelfde oorzaak hebben als deze. Een diepe hoornkloof, dus een scheur door de hoefwand tot aan de lederhuid, kan ontstaan door grote spanningen in de hoornkapsel (bijv. bij te lange of onevenwichtige hoeven). Daardoor wordt de hoornkapsel instabiel en kan de voortdurende beweging de lederhuid prikkelen en vervolgens leiden tot de vorming van extra hoornmateriaal – er ontstaat een hoornzuil.

Een hoornkloof kan echter ook ontstaan doordat er een verwonding aan de kroonrand is geweest en daar nu littekenweefsel is gevormd. Omdat de hoefwand wordt gevormd door een cellaag aan de kroonrand, kan ook deze laag door het littekenweefsel worden aangetast en daardoor onder omstandigheden andersoortig hoorn produceren. Hierdoor kan enerzijds een hoornzuil ontstaan en anderzijds een hoornkloof – beide veroorzaakt door het litteken aan de kroonrand.

Let op: een hoornkloof mag niet worden verward met andere scheuren in de hoef; zie hiervoor ook ons artikel over "Brokkelige hoeven".

Behandeling


Veel hoornzuilen zijn toevalsbevindingen en veroorzaken bij het paard geen problemen. In dat geval hoeft er ook geen behandeling plaats te vinden.

Soms veroorzaken hoornzuilen echter kreupelheid, omdat ze druk uitoefenen op gevoelig weefsel in de hoef. In die gevallen zal een dierenarts operatieve verwijdering van de hoornzuil adviseren. Hier is echter voorzichtigheid geboden: aangezien er bij een hoornzuil al schade aan het hoefbeen is (en deze ook met een operatie niet kan worden hersteld), komt de hoornzuil vaak terug. Deze ingreep moet daarom goed worden overwogen.

Anderzijds kunnen hoornzuilen vaak leiden tot terugkerende abcessen/hoefzweren, omdat het hoornmateriaal daar zachter en dus vatbaarder is voor bacteriële aantasting. Als gevolg daarvan kan het hoefbeen door de abcessen verder worden aangetast en afgebroken, waardoor de hoornzuil uiteindelijk groter wordt. Om dit te voorkomen moet bij een hoornzuil worden gelet op nauwkeurige hygiëne en een uitgebalanceerde hoefkapsel, zodat er geen microscheurtjes ontstaan en er geen bacteriën kunnen binnendringen.

Auteur: Nathalie Kurz

Foto's: Janina Gottwald

>> Bronnen